Yurk.net /
Hanno Bunjes
LINK
"Das Cover gibt Rätsel auf: Eine Plastiktüte
im Pappkarton, die Titelangaben auf dem Digipak kaum lesbar. Das Photoshopping
billig und die Farbwahl grauenhaft. Aber bei einer Zusammenarbeit zwischen
den beiden Cellisten Bo Wiget und Simon Lenski (DAAU), mußte wohl
etwas very arty-ges herauskommen. Einerseits steht das Album dann auch
in bester DAAU-Tradition, weil wieder einmal ein unschuldiges klassisches
Instrument auf offener Bühne zu Schaden kommt. Doch weil hier alle
offensichtlichen Verbindungen zu Klassik, Folklore oder Reggae gekappt
sind, ist es andererseits alles andere als ein DAAU-Album geworden.
In
fünf Miniaturen und
einem 22-minütigen Abschluß durchmessen Wiget und Lenski -
unter Mithilfe einer Armada an elektronischen Effektgeräten - Klangfarben
und Räume. Eine trügerische Ruhe und Melancholie durchzieht
die gesamte CD. Einige fast schwerelose Passagen und lange Spannungsbögen
verlangen durchaus nach einer gewissen Aufmerksamkeit des Hörers;
es ist aber angenehmerweise kein völlig verkopftes Album geworden.
(Vielleicht bin ich auch nur schlimmeres gewöhnt.) Selbst weißes
Rauschen setzt vertraute Emotionen frei, wenn daneben ein Cello gestreichelt
wird; mal elegant-schwer, mal fiebrig-flimmernd. Also alles eine Frage
des Weges, auf dem man sich an unbekannte Musikexperimente herantastet.
Bei Goethe ging es dann wie folgt weiter:
Die Vögelein schweigen
im Walde. Warte nur, balde Ruhest du auch."
Muziekcentrum
Vlaanderen
LINK
"...Een klassieke achtergrond gecombineerd
met een gezonde experimenteerdrift levert niet altijd memorabele
resultaten op, maar het eerste album van deze twee heren, "Die
Vögelein schweigen im Walde" is een aangename verrassing..."
"...Samplers, effectenpedalen en allerhande modulators nemen
geregeld de bovenhand en vormen samen een abstracte, soms sinistere
geluidsband, waarmee de cellisten in duel gaan. Geluidsfrequenties
worden afgetast op een manier die bijwijlen herinnert aan de
Weense geluidstovenaar Fennesz, maar de klankkleur van sobere
strijkers bovenop een dromerige geluidsband deed ons vooral denken
aan het Amerikaanse postmoderne Rachel's en aan de strijkerssectie
van postrock-iconen Godspeed You! Black Emperor. De abstracte,
knetterende elektronica van het duo klinkt eens als een gezellig
haardvuur op een kille herfstavond, dan als een Apache legerhelicopter
die theatraal over een uitgestrekt oorlogsgebied raast.
Dit alles maakt van "Die Vögelein schweigen im Walde" geen voor
de hand liggende, maar wel een doortastende plaat. Ze is tegelijk
claustrofobisch en weids, emotioneel en afstandelijk, menselijk
en machinaal. Om in ondergedompeld te worden."
Kwadratuur.be
/ Sven Claeys
LINK
"De
cellisten Simon Lenski - bij ons bekend van DAAU - en Bo Wiget
leerden elkaar kennen tijdens de tournee van 'Visitors Only', een
productie van choreografe Meg Stuart. De Zwitser Bo Wiget verzorgde
er mee de soundtrack, terwijl Lenski meereisde als geluidstechnicus.
De cello's waren steeds in de buurt en veel was er niet nodig om
de heren samen aan het improviseren te krijgen. Dat beviel hen
zo goed dat ze de afgelopen drie jaar geregeld samen kwamen om
te schrijven, te improviseren en te concerteren. Dat resulteerde
in de uitgave van hun debuut-cd 'Die Vögelein Schweigen Im Walde'.
Met twee cello's, een uitmuntende instrumentbeheersing, een meer dan behoorlijke
zin voor experiment en de nodige effectpedalen presenteert het
duo in zes tracks een fascinerende geluidstrip. Daarbij wordt mooi
gebalanceerd op de grens van puur, haast elektro-akoestisch geluidsexperiment
en melodieuzere passages. Er wordt op de cellosnaren gewreven,
getokkeld en geklopt. De ene keer furieus of jachtig, de andere
keer met veel grandeur of net delicaat en melancholisch. Door die
grote variatie in speeltechniek en het vrij snel in- een uitfaden
van verschillende muzikale elementen bezit het album een zekere
dynamiek waardoor het, ondanks de ongewone opzet, zeker en vast
niet zwaar op de maag ligt. In die zin is de openingstrack, het
filmische 'Sleeping Simulation', exemplarisch voor de volledige
cd: subtiele, krakende versterkerruis en lange, stemmige cello-uithalen
worden af en toe gecounterd door een laaggestemde, donkere basklank.
Door de echo op het cellogeluid klinkt deze met momenten als een
desolate mondharmonica uit de soundtrack van een spaghettiwestern,
terwijl de ritmische ruis in de achtergrond best voor tsjirpende
krekels in de avond kunnen doorgaan. Gaandeweg neemt de dreiging
toe, apocalyptische klanken sluipen de mix binnen en druk schurend
cellospel doet het beeld van een krioelende mierenhoop oproepen.
In de finale evolueert de track naar een knap stukje ambient met
zalige, lang uitgesponnen cellopartijen. Dat het duo ooit het voorprogramma
van dronemeesters Sunn O))) verzorgde was zeker niet het gevolg
van een ongelukkige keuze van een concertorganisator: in 'Dancing
Disaster ' klinken de versterkte cello's dan ook als gloedvolle
distortiongitaren tegen scherpe en sissende elektrische ruis in
de achtergrond. In 'Goethe tanzt' worden dan weer effecten achterwege
gelaten. Het is een boeiend celloduel dat voorzichtig wordt ingezet
maar gaandeweg uitmondt in een regelrechte clash van dissonant
snarengeweld. 'Dr. Summer', de laatste en langste track, is pure
minimale ambient. Met snelle varierende elektrische pulssignalen,
behoedzaam gesoleer op cello en tot drones verbasterde celloklanken
wordt een bedwelmend, wat desolaat geluid gecreëerd.
Op 'Die Vögelein Schweigen Im Walde' tasten Wiget en Lenski de grenzen af van
wat men met twee cello's en wat effecten allemaal kan uitspoken. Het resultaat
overstijgt moeiteloos het niveau van louter effectbejag, wat beide heren een
geslaagd debuutalbum oplevert"
Rifraf april 2007 / Homegrown
"In
het Wiget/Lenski-woud ruist er zeker wat door het struikgewas,
de vogels verstommen, takken kraken, distels prikken en tanden
knarsen. Doorheen de wiegende tentakels van de wind vangende
hoge bomen, gloort echter ook zonneschijn. Twee cello's gaan
in de clinch, zowel akoestisch als elektronisch gemanipuleerd
en dat levert intrigerende soundscapes, maar ook wondermooie
melodieën op. Een beetje alsof Bartok in de handen van Funkstörung
zou zijn gevallen.
Laat deze woudlopers u dus begeleiden op hun avontuurlijke
dagtrip langs grillige zijpaden, en u zal nooit meer verlangen
naar een georganiseerde groepswandeling op de Kalmthoutse Heide,
beloofd."
Rifraf maart 2007 /
Kurt Overbergh
"Twee cello's en een batterij elektronica.
Genoeg om een intrigerende en donkere mix te bekomen van klassiek
en ruisende elektronica."
Domino 2006
LINK
"Twee klassiek geschoolde
cellisten die in een rechtstreeks duel klanken uit hun instrumenten
halen die in academische kringen op gefrons zouden worden
onthaald. Ziedaar Wiget/Lenski, een Zwitsers-Belgische tandem
die een behoorlijk knap stukje brengt. De eerste klank is
meteen dissonant, en nog voor iemand het obligate 'ze zijn
aan het stemmen'-grapje kan uitspreken, trekt het duo van
leer. Hun instrumenten klinken afwisselend percussief en
melodieus - als je daar al van kunt spreken - en de rollen
worden voortdurend omgedraaid. Bijtende hoge tonen, overstuurde
hoekige ritmes, af en toe omkaderd door elektronische accenten.
Geen muziek die zich makkelijk laat negeren, en een aanrader
als u nog nooit een cello met distortion hebt gehoord."
Goddeau - Review Domino 2006
LINK
"Het Zwitsers-Belgische
celloduo Bo Wiget en Simon Lenski mocht
de aftrap geven met een dertig minuten durende improvisatie
die de halfgevulde AB-Box meteen liet weten dat hen nog wat
te wachten stond. De twee slaagden erin een indrukwekkende
geluidsmuur te creëren die zowel door abstracte noise
als door minder vervreemdende stijlen geïnspireerd was.
Door de ingenieuze opeenstapeling van loops en haast groteske
klankvervormingen deed de op de grens van chaos balancerende
set vaak denken aan het dissonante minimalisme van Rhys Chatham,
waar zo nu en dan de geest van wijlen Tom Cora in rondwaarde."